Jongeren beseffen niet dat het zo moeilijk is af te kicken van GHB

De ontwapenende glimlach van Renee Kelder kan bedrieglijk zijn. Ze schrijft het zelf in haar boek: ze kan zich goed anders voordoen. Vrolijk. Enthousiast. Maar nu is ze echt al een jaar gelukkig. Ze straalt bij dat woord. Want de weg erheen was lang. Ze heeft zichzelf herschreven, zegt ze, in ‘De parttime-junkie’, dat vandaag verschijnt.

Mijn vrienden van toen en ik, wij zouden nooit heroïne gebruiken want dat staat voor het allerergste, junkies, de goot. Bijna iedereen heeft ‘Christiane F’ gelezen. Mijn boek is ook een waarschuwing

Renee Kelder (29) raakte op haar 19de verslaafd. Ze gebruikte speed, XTC, alcohol en GHB. Vooral voor dat laatste middel bleek ze gevoelig. “Je wordt er heel zelfverzekerd van, voert het hoogste woord, bent vrolijk. Dat maakt het heel aantrekkelijk.”

GHB staat bekend als een party-drug. “Veel studenten gebruiken het. Ze weten niet dat het zo snel verslavend is en dat je er moeilijker van afkickt dan van heroïne. Er doen alleen maar jubelverhalen de ronde: dat het een lichaamseigen stof is, dat je er geen kater aan overhoudt en dat het goedkoop is. En mensen, zeker jongeren, zijn een beetje verslaafd aan zich goed voelen en dat etaleren. Maar van GHB kun je zomaar ‘out’ gaan, je ademhaling kan stoppen, je voelt je onsterfelijk maar het is levensgevaarlijk.”

Christiane F
Kelder wil dat dit soort informatie bekend raakt: “Niet alleen droog op internetsites van bijvoorbeeld het Trimbosinstituut. Mijn vrienden van toen en ik, wij zouden nooit heroïne gebruiken want dat staat voor het allerergste, junkies, de goot. Bijna iedereen heeft ‘Christiane F’ gelezen. Mijn boek is ook een waarschuwing.”

Kelder bleef redelijk overeind tijdens haar verslaving: ze rondde in vier jaar de studie maatschappelijk werk af en kreeg een baan, uitgerekend in de verslavingszorg. Haar oudere zus en haar ouders in Heemstede hadden niets in de gaten, al ging ze in de weekeinden soms dagenlang door zonder te slapen en bracht ze stiekem buisjes GHB mee naar familiebijeenkomsten.

Na zes jaar biechtte ze de verslaving op aan haar moeder. “Dat kwam door Flip, mijn hond. Hij gaf me voor het eerst een verantwoordelijkheidsgevoel. Voor hem moest ik zorgen, dus kon ik minder gebruiken want je kunt het niet maken om ‘out’ te gaan op straat. Daardoor was ik vaker nuchter terwijl mijn vriend en andere vrienden onder invloed waren. Ik ging walging voelen voor het leven dat ik leidde. Achteraf denk ik dat het een opbouw is geweest. Ik liet steeds weer iets vallen tegen mijn moeder: dat ik niet gelukkig was, dat mijn vriend en ik elk weekend vrienden over de vloer hadden, dat hij wel eens drugs gebruikte. Zo kreeg ze een vermoeden en opeens stond ze op de stoep om te praten.”

Flashbacks
Afkicken en een nieuw leven opbouwen kostte drie jaar. “Het was verschrikkelijk, ik ben door een hel gegaan. Bij het lichamelijk afkicken ben ik een paar keer door een delier gegaan, het ergste wat ik ooit heb meegemaakt. Maar ik moest ook afscheid nemen van mijn leventje, breken met mijn vriend en de anderen. Bij GHB-verslaving is de kans op terugval groot, omdat het je zelfverzekerd laat voelen. Als je met je oude vrienden blijft omgaan is de verleiding des te groter. Ik heb geen contact meer met ze, dat mag niet van de kliniek en mijn moeder was ook heel streng.”

Een klein beetje geeft een roes en leidt tot seksuele opwinding, maar de grens tussen genoeg en te veel is klein: je kunt snel bewusteloos raken

Kelder is nu vier jaar drugsvrij. Ze heeft een nieuwe vriend, studeert humanistiek en noemt zichzelf ‘echt heel gelukkig’. Het schrijven van het boek heeft daarbij geholpen. “Die zes jaar verslaving waren een soort moeras in mijn hoofd. Daar had ik last van: flashbacks en posttraumatische stress. Bij de studie humanistiek leer je dingen tot je te nemen. Door de herinneringen stuk voor stuk aan te gaan heb ik mijn leven weer helder gekregen.”

Buitenstaander
Kelder: “Mijn boek gaat ook over de worsteling met het leven. Ik was onzeker, ging voor het eerst het huis uit om in een andere stad de opleiding journalistiek te doen terwijl ik hartstikke dyslectisch ben. Ik brak die studie af, kwam in aanraking met verkeerde mensen. Ik was bevattelijk voor drugs.

“Vroeger voelde ik me altijd een buitenstaander. Als kind was ik veel ziek, deed ik niet mee. Nog steeds gebruik ik anti-depressiva, al hoop ik daar binnenkort mee te kunnen stoppen. Ik zocht verbinding, maar tegelijk wilde ik vluchten voor het leven, voor het intense contact met anderen. Ik kan op een stoel zitten en me afvragen hoe het kan dat ik in dit lichaam zit, op deze stoel op dit moment. Dat is jezelf gek denken. Met GHB op had ik geen angstige gevoelens. Nu heb ik geleerd om het niet uit de weg te gaan, welke angsten het ook zijn, welke duivel ik ook in de ogen moet kijken, anders worden ze alleen maar erger.”

Plattelandsdrug GHB is een blijvertje
Het gebruik van GHB is niet wijdverbreid. Volgens de Nationale Drugs Monitor 2012 (de meest recente cijfers) hebben 144.000 Nederlanders ooit GHB gebruikt. Wel is de hulpvraag bij GHB als enige gestegen. Daan van der Gouwe van het Trimbos-instituut denkt dat dit komt omdat er nu meer behandelaanbod is dan enkele jaren terug. “De hulpverlening komt nu pas goed op gang en daardoor kan het zijn dat de hulpvraag toeneemt, simpelweg omdat er meer behandeling is. En er zijn nog wachtlijsten. Daarnaast, zo leren we nu, is de terugval groot. En tenslotte herkent de gebruiker vanwege de aandacht en toegenomen kennis over GHB wellicht ook eerder de symptomen van zijn of haar verslaving.”

Bij de Jellinek in Amsterdam zien ze de gevolgen van GHB. “We zien veel incidenten in het uitgaansleven”, zegt woordvoerster Floor van Bakkum. “Gebruikers zijn vaak jong en hoogopgeleid. Die jongeren stoppen vaak rond hun dertigste met illegale middelen.” Volgens Van Bakkum is het probleem in de Randstad relatief klein. In de zuipketen in Brabant, Twente en Friesland is het veel groter.”

Van der Gouwe beaamt dat. “Waarom juist daar, dat weten we niet. Maar we denken dat GHB een blijvertje is. Het wordt door jongeren gezien als een goedkoop alternatief voor alcohol. Een klein beetje geeft een roes en leidt tot seksuele opwinding, maar de grens tussen genoeg en te veel is klein, je kunt snel bewusteloos raken. Na een paar weken kan het al verslavend zijn. En het kost vaak wel zeven, acht pogingen om te stoppen.”

Gootsteenontstopper
GHB (gamma-hydroxyboterzuur) werd vroeger gebruikt als narcosemiddel bij operaties. Wegens bijwerkingen is men daarmee gestopt. GHB staat sinds 2011 op de lijst van harddrugs in Nederland. Het is een geurloze, stroperige vloeistof die zout smaakt. Er is ook een poedervorm, die gebruikers inslikken als ‘bommetje’. Het middel is goedkoop, zeker als je het zelf maakt.

Net als veel andere verslaafden gingen Renee Kelder en haar vriend daar toe over. De belangrijkste grondstof is GBL (gamma-butyrolacton), een agressief schoonmaakmiddel. Daarnaast is natronloog nodig, dat doorgaans wordt gebruikt als gootsteenontstopper. De verhouding tussen beide stoffen luistert nauw. Teveel natronloog verlaagt de zuurgraad van de stof, wat brandwonden en blaren kan veroorzaken. Sommige gebruikers nemen onverdunde GBL in. Het lichaam zet dit om in GHB. Maar het risico op beschadiging van slokdarm en maag is groot.

Bron: Trouw, mei 2014

GHB-verslaving