Veel volwassenen zijn gameverslaafd

Gameverslaving, overmatig computerspellen spelen, is niet alleen voorbehouden aan puberjongens, zo blijkt uit nieuw onderzoek. Maar liefst 7 procent van alle volwassenen tussen de 20 en 30 jaar is gameverslaafd. In Nieuwsuur vanavond een gesprek met game-onderzoeker Jeroen Lemmens en een reportage over het leven van twee verslaafden.

Opname
Een van de verslaafden met wie Nieuwsuur spreekt is Nils. Hij speelt al van jongs af aan veel spellen. Tijdens zijn ICT-opleiding kwam hij in de problemen. Nils kwam niet meer aan zijn studie toe, omdat hij al zijn tijd in gamen stopte.

“Ik heb het probleem gelukkig onder controle”, zegt Nils. Het was erg fijn om in behandeling te zijn.” Hij richt zich nu weer op de ‘gewone dingen’: school, werk en muziek.

100 procent
Nils is een van de miljoenen mensen wereldwijd die computergames spelen. Onderzoeker Jeroen Lemmens van de Universiteit van Amsterdam (UvA) ondervroeg voor zijn onderzoek 2400 Nederlanders tussen de 13 en 40 jaar. “Van deze groep gamet 85 procent, onder jongens is het zelfs 95 procent of meer. Het nadert de 100 procent”, zegt Lemmens. Voor de meesten is gamen een leuke vrijetijdsbesteding, maar voor sommigen wordt het een obsessie of verslaving.
Criteria

Van de gamers is 8,7 procent problematisch. Dat wil zeggen dat ze aan minimaal vijf van de negen criteria voldoen die zijn opgenomen in de DSM-5, het Amerikaanse handboek van psychiatrische aandoeningen. Het gaat dan bijvoorbeeld om afkickverschijnselen wanneer er niet gegamed kan worden, liegen over speeltijd tegen familie of vrienden en spelen uit vluchtgedrag.

In de praktijk vertaalt de verslaving zich vaak in problemen op school, het oplopen van studievertraging, of later problemen met werk of relaties. Van de gamende jongeren tot twintig jaar is 6 procent problematisch en boven de twintig zelfs 7 procent. Dat is veel, zegt Lemmens, maar hij benadrukt dat er ook een heel grote groep niet-problematische gamers is.

Vluchten
Veel gamers gebruiken het gamen om te ontsnappen in een virtuele fantasie. Zo ook Geert, het lukte hem na een verhuizing niet om nieuwe vrienden te maken en vluchtte in games. Hij speelde vooral veel World of Warcraft, een online spel dat zich afspeelt in een fantasiewereld. Het gamen ging ten koste van alles: Geert stopte alleen met spelen om te eten en te slapen.

Hij denkt nu nog weinig aan het spel. “Maar op bepaalde piekmomenten denk ik er nog wel aan. En mijn dromen heb ik niet onder controle. Ik droom nog steeds over World of Warcraft”, zegt Geert. Hij ziet dan ook op tegen de zomervakantie. “Ik hoop dat ik me met mijn vrienden en drummen kan bezighouden. Maar ik weet niet zeker of ik nooit meer ga gamen.”

Bron: Nieuwsuur, mei 2014

Gameverslaving