Niels (20) was afhankelijk van drank en drugs

Als jong jochie was ik erg levendig, af en toe vrij extreem en heel erg koppig. Op 5-jarige leeftijd ben ik eerst mijn beste vriendje verloren, waarna in hetzelfde levensjaar ik en mijn broer mijn opa wilde wakker maken maar besefte dat hij niet meer wakker werd. Ik denk dat ik daar al een soort onderliggende angst heb ontwikkeld. Verslaving is niet onbekend in mijn familie dat natuurlijk ook een extra factor kan zijn geweest voor het begin van mijn verslaving. Als klein jongetje kon ik nooit één snoepje eten. Ik ‘moest’ mijzelf misselijk eten of alles opmaken. Op de basisschool ben ik een aantal jaar psychisch behoorlijk toegetakeld. Helaas ben ik hier te laat mee voor uitgekomen, waardoor mijn verslaving alle tijd had om zich rustig te nestelen. Mijn moeder is altijd meer dan een moeder geweest: behulpzaam, lief, zorgzaam, begripvol en steunend. Al deze fijne eigenschappen had ze tot in het extreme, wat uiteraard ook wel is de andere kant op werkt. Mijn moeders leven ging niet alleen over rozen, waardoor ik vaak het gevoel had haar niet te willen belasten met mijn gezeik, net voor mijn middelbare schooltijd. Mijn vader heeft het echte opvoeden aan mijn moeder overgelaten, mede dankzij zijn werk en zijn eigen traumatische opvoeding (als je het al opvoeding mag noemen). Mijn vader werkt(e) elke dag, van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat, wat ik hem lange tijd kwalijk heb genomen. Gelukkig besef ik nu dat mijn vader een belangrijke rol speelt in mijn leven. Hij helpt mij als ik er om vraag en in vergelijking met zijn eigen vader doet mijn vader het heel erg goed. Toen ik net op de middelbare school zat, werd ik elke dag uit de klas gestuurd vanwege allerlei redenen. Ik vond dit best fijn aangezien ik erg weinig sliep en het lekker vond om een beetje te hangen. Al vrij snel werd ik geschorst vanwege een opstapeling van ongewenst gedrag (vuurwerk aansteken op het schoolplein en in het fietsenhok, mishandeling van een medestudent etc.) Rond die periode ontplofte ik emotioneel compleet uit elkaar, waardoor ik vertelde wat me dwarszat en nog geen half jaar later was de dader van de psychische mishandeling uit het werkveld gezet en veroordeeld vanwege tientallen getuigenverklaringen tegen hem.
Ik ging voor het eerst naar een psycholoog, maar na tientallen gesprekken met de psycholoog vond ik het wel mooi geweest. Ik begon alles bij elkaar te lullen, omdat ik dacht dat ik een beter medicijn had gevonden, drank & wiet. Als twaalf, dertien jarig mannetje kon ik dat uiteraard niet betalen en begon ik te stelen van alles en iedereen om mij heen. Op mijn veertiende leerde ik de harde kern van de plaatselijke voetbalclub kennen en vond ik harddrugs onwijs interessant. Ik kon drammen als een idioot en kreeg het voor elkaar om XTC te proberen, later gevolgd door speed. Mijn (al behoorlijk verstoorde) slaap/waakritme, raakte compleet van slag en mijn logisch redeneren werd zwaar beïnvloed. Eenmaal op mijn zestiende had ik inmiddels een stuk of vijf psychologen en psychiaters gehad, en een stuk of acht zware antidepressiva/antipsychotica en slaapmedicatie voorgeschreven gekregen. Ik heb in een vlaag van verstandsverbijstering +/-30 van die pillen in één keer genomen om even rust te hebben en dit werkte iets te goed. Ik belande vrijwel direct in coma en heb het enkel overleefd omdat mijn moeder die dag besloot om thuis te blijven i.p.v. te werken zoals ze normaal op die dag deed. Daarna ging het een halve dag beter maar diezelfde avond ging ik weer gebruiken. Mijn leven was complete waanzin o.a. door het verkopen van wiet t/m het uiteindelijk uitkoken van coke, vijf scooterongelukken in nog geen anderhalf jaar, meerdere fulltime therapiesessies met psychologen en psychiaters, neuroloog, kinderbescherming, opname slaapcentrum SEIN, diefstal, rechtszaak, vandalisme, mishandeling, heel veel verhoren bij de politie, inbraak, overval, complete zelfdestructie, ernstige angstaanjagende psychoses en misschien wel het ergste, de dagelijkse tranen van mijn moeder. In één van de psychoses heb ik mijn kamer kort en klein geslagen, wat resulteerde in een hoop politieagenten in mijn slaapkamer die constateerden dat ze me niet rustig konden houden en uiteindelijk werd ik afgevoerd in een ambulance. De knop wilde maar niet om en ik leek er vrede mee te hebben dat ik mijzelf kapot maakte. Ik manipuleerde mijzelf zo, dat ik blind werd voor het leed dat ik anderen aandeed. Tot op een nacht en om vijf uur in de ochtend boos mijn moeder wakker schudde en opgefokt dwong te stoppen om over mij te praten. Zij vertelde mij dat ze alleen in de slaapkamer lag en sliep. Ik liep stampend en razend naar beneden om mijn broer wat aan te doen, omdat ik zo boos was over de dingen die hij zat te vertellen over mij. Op dat moment waren de lichten uit en bleek mijn broer helemaal niet thuis te zijn. Enkele uren later drong het tot mij door waar ik instaat toe was namelijk het fysiek en mentaal beschadigen van de meest dierbaren rondom mij heen. Ik heb mijn ouders verteld dat wat er ook gebeurd, ik zo snel mogelijk naar een kliniek moest gaan. Mijn moeder draaide twee à drie keer fulltime dienst en had binnen anderhalve week een Detox en direct aansluitend Yes We Can geregeld. Daar leerde ik over mijzelf praten, delen wat mij dwarszat en ik begon stukje bij beetje van mijzelf te houden, leerde cruciale ‘tools’ om clean te blijven en ik gaf mijzelf 100%. Na de kliniek ging ik naar een safehouse, gevolgd door een eigen kamer in mijn woonplaats. Inmiddels ben ik weer verhuisd en gaat mijn school en stage zo extreem goed dat ik er haast paranoïde van word. Ik ben dolblij met de band met mijn kennissen, vrienden, familie en die met mijzelf. Ik ben niet bang meer voor morgen, want gister is al gelukt en vandaag is mooi! Natuurlijk ging mijn behandeltijd (van in totaal zo’n negen maanden) totaal niet makkelijk als dat het hierboven beschreven staat (o.a. door op dag twee op scherp te staan in de kliniek, omdat ik een kamergenoot met de dood bedreigde en door het niet aanwezig kunnen zijn bij de laatste uurtjes van mijn oma, omdat ik in Amsterdam zat in een safehouse en het allemaal te snel ging). Er zijn veel dingen in die tijd gebeurd wat mij erg aan het wankelen zette, maar ik heb mij boven alles vastgehouden aan één regel namelijk: 1 is te veel en 1000 nooit genoeg. Het lijkt mij niet nodig om verder uit te wijden over die opnames omdat iedereen zijn eigen weg hierin bewandeld en omdat ik volgens het mailtje met de vraag of ik mijn verhaal wil doen, nu al te veel tekst heb. Dus ik zou zeggen als afsluiting, ga ervoor, verwacht niet dat het makkelijk word, hou je ‘mind’ open, vraag zoveel mogelijk om hulp (hoe meer hoe beter), vertrouw op de mensen die langer clean zijn (ze zijn niet voor niets langer clean..),haak niet af, en geef niet op. Want met opgeven doe je niet alleen je hele familie, vrienden, voogd of wie dan ook onbeschrijfelijk veel pijn, maar je dood jezelf ook.