Menno (22) hoeft niet meer te gamen, omdat hij weet hoe hij met zijn emoties moet omgaan

Mijn naam is Menno, 22 jaar oud en ik ben verslaafd. Ik ben verslaafd aan gamen.
Voordat ik aan mijn behandeling bij Yes We Can Clinics begon heb ik geen eerdere behandelingen bij klinieken, instanties of psychiaters gehad.

Mijn leven voordat ik naar de kliniek vertrok bestond voornamelijk uit afgezonderd op mijn kamer zitten gamen. Ik zorgde slecht voor mezelf en besteedde zelden tijd aan andere dingen, omdat ik niet de moeite kon nemen voor even te stoppen met gamen en tijd te nemen voor de dingen die wel belangrijk voor me waren en waarmee ik wel wat kon behalen. Ook het contact met mijn familie, vrienden en überhaupt de buitenwereld werd steeds minder, ik sloot met steeds meer af van alles behalve mijn games. Ik was onzeker over mijzelf, vond mezelf niets waard en had zelfs suïcidale gedachten. Toen kwam voor mij het punt dat ik naar de kliniek vertrok.

Ik heb hier veel geleerd over mijzelf, mijn problemen en hoe ik in het vervolg om kan gaan met dingen die mij in de weg staan of dwars zitten. Ik heb geleerd mijn emoties te tonen, in plaats van deze binnen te houden en op te kroppen, totdat deze te veel worden en het uiteindelijk allemaal in een keer naar buiten komt, maar dan op een verkeerde manier.  Dit en meer hebben mij geholpen om in te zien dat ik daadwerkelijk een probleem heb en dat dit niet ‘wel meevalt’ zoals ik eerst dacht. Ik heb dingen kunnen verwerken die mij dwars hebben gezeten. Ik kijk nu heel anders naar mezelf, heb zelfrespect en ik kan mezelf accepteren zoals ik ben. Ik ben een stuk zekerder en ben niet meer bang voor de mening van anderen over mij. Naast dit alles zijn er ook dingen die ik heb laten vallen, zoals mijn school. Ik kon mijn verantwoordelijkheid niet meer nemen, omdat ik te druk bezig was met games en mijn prioriteiten niet op orde had. Het is nu zo dat ik beter kan inzien wat belangrijk voor me is en ik kan me er nu toe zetten om iets te gaan doen, omdat dit belangrijk is/moet, ook al heb ik hier niet perse zin in op dat moment; ik kan mijn prioriteiten stellen.

Uiteindelijk ben ik enorm blij dat ik naar de kliniek ben gegaan. Het programma heeft me laten inzien dat ik niet goed bezig was en het heeft mij geholpen mijn leven weer op orde te krijgen. Ik ben nu ik dit stukje schrijf 4 maanden uit de kliniek en ik ben enorm trots op dingen waar ik mee bezig ben, maar ook mijn naasten zijn trots op me; ik doe mijn best voor dingen die ik wil, ik werk er hard voor en ik doe er alles aan om op het rechte pad te blijven. Uiteraard is het nog steeds niet altijd even makkelijk en heb ik het zo af en toe nog wel even moeilijk, maar dan zijn er genoeg fellows, familie en vrienden die mij kunnen vertellen wat ik moet horen om me weer beter te voelen, op te staan en weer door te gaan met leven, want dat is iets wat ik, in tegenstelling tot een half jaar geleden, nu wél doe.