Mireille (19) gebruikte drugs en kwam depressief en verslagen de kliniek in

18 maart 2015. Ik ging de kliniek in, zwaar in gebruik, depressief en helemaal verslagen.
27 mei 2015. Ik kwam terug uit de kliniek, vol goede moed, zin in het leven, terug van weggeweest.

Ik heb mij mijn hele leven alleen gevoeld. Al had ik meer dan honderd mensen om me heen, ik voelde me altijd alleen. Ik was altijd maar de stoere of de sportieve of de vervelende meid.
Mijn ouders waren vaak weg, waardoor ik me in de steek gelaten voelde en altijd maar opgescheept zat met mijn oom en tante of de oppas. Ik zei dat nooit tegen mijn ouders maar eigenlijk had ik helemaal geen zin in hen en wilde ik gewoon dat mijn ouders er vaker waren. Ondanks dat mijn ouders er niet vaak waren heb ik wel altijd alles gekregen wat mijn hartje begeerde, maar in materialistische waarde. Ik vond mijn rust toen de tijd erg in sporten: honkbal, snowboarden, voetballen… Noem maar op. Toen ik twaalf was overleed er één van mijn beste maatjes, mijn grote voorbeeld, een grote broer. Hij was ineens weg. Ik snapte er niks van en wist niet wat ik ermee moest doen. Mijn ouders wilde ik niet tot last zijn en praten erover deed ik dus niet. Datzelfde jaar werd ik in de eerste klas erg gepest: na school opgewacht worden, uitgescholden, in elkaar geslagen. Uiteindelijk brak ik en heb ik het pas tegen mijn moeder verteld. Daarna ben ik naar leerwegondersteunend onderwijs gegaan.
Dat was een fijne school, maar waar ik moeite had om mezelf te zijn. Wel zat daar gelukkig een maatje van de sportclub en vond ik daardoor makkelijker mijn plek in de klas. Tot mijn vijftiende is het best goed met mij gegaan, af en toe een uit stuurbrief op school maar daar bleef het bij. Mijn moeder kampte met depressie wat ik vaak moeilijk vond, om haar zo te zien maar ook hoe ze deed en op dingen reageerde. Tot ik op een gegeven moment in aanraking kwam met alcohol: ik had het gevonden, dé oplossing voor mijn problemen. Ik voelde me niet meer alleen, verdrietig of kapot. Ik hoefde niet meer te voelen. Op mijn zestiende kwam ik ook in aanraking met wiet wat helemaal mijn gevoelens dempte.
In twee jaar is alles heel snel gegaan: ik voelde me steeds depressiever, ging me steeds meer isoleren en was alleen maar bezig met drugs. In die twee jaar had één van mijn beste vrienden een zelfmoordpoging gedaan waarbij ik zijn leven heb gered. Wat natuurlijk super mooi is maar ik voelde dat niet. Ik kon er alleen maar meer op gaan gebruiken. Ik werd er alleen maar uitgestuurd op school, stopte alcohol in m’n proteïne shakes, deed mijn ouders en andere familie erg veel pijn, had elke zorginstelling al gehad en was klaar met het leven. Ik wilde niet meer. De enige reden dat ik geen zelfmoordpoging heb gedaan is omdat ik er de moed niet voor had.
Toen heb ik mij aangemeld voor Yes We Can Clinics. Ik zag er zwaar tegenop, maar aan de andere kant dacht ik: ik ben even weg voor 10 weken van thuis, beetje sporten en als ik terug ben kan ik gewoon weer gebruiken. Maar na 5 weken in de kliniek werd alles een beetje duidelijk en gaf ik mezelf over. Ik heb super veel geleerd in die 10 weken en kwam erachter dat ik helemaal niet dat boze, agressieve, isolerende meisje ben. Toen ik terugkwam was het net of ik alles aan kon en dacht ik dat de hele wereld verandert was. Maar al snel kwam ik tot de conclusie dat ik verandert was en niet de mensen om me heen. Thuis was voor mij één war-zone doordat onder andere mijn ouders gingen scheiden. Ik durfde over bepaalde dingen niets te zeggen, zelfs niet bij de nazorg of bij Yes We Do.
Man wat een strijd heb ik toen met mezelf gestreden. Gelukkig was er een te gekke counselor en waren er twee toffe coaches, die ik soms wel af kon schieten, maar die mij er echt uitgetrokken hebben. Ik ben hen zo dankbaar. Ik heb daar echt middagen gezeten dat ik niks wilde zeggen en dat zij dan toch elke keer weer de tijd namen voor mij.
Mede daardoor gaat het nu beter met mij dan ooit. Ik ben vandaag de dag vijftien maanden clean, ik ga studeren na de zomer, het gaat super lekker met sporten, ik heb een baan, ik kan verantwoordelijkheid nemen en goed voor mezelf zorgen. Mezelf op 1 zetten. Ik ga nog altijd naar meetings en ook daar kom ik te gekke mensen tegen. Alleen voel ik me niet meer.
Ik heb hele mooie mensen om mij heen waar ik erg dankbaar voor ben. Ik voel me weer top. En mezelf vinden? Ik ben nog steeds op zoek.

‘Eigen lichaam, eigen lot, eigen leven, je moet het zelf doen want niemand komt het je geven’