Nina (20) kampte met angsten en depressies

In juli 2013 ben ik naar de kliniek in de Ardennen gegaan. Voordat ik naar Yes We Can Clinics (YWCC) ging, ging het erg slecht met mij. Het leven hoefde voor mij niet meer, en ik liep vast in alles. Mijn leven was een zooitje, had al verschillende instellingen van binnen gezien en stond er meestal alleen voor.
In 2013 kwam ik op een leefgroep te wonen en hierin liep ik erg tegen mijzelf aan. Opeens deed ik er wel toe en mocht ik liefde en warmte ervaren. Hoe fijn ik dat ergens ook vond, ik kon hier niet mee omgaan. Ik kreeg steeds meer last van paniekaanvallen en herbelevingen wat het lastig maakte om mijn alledaagse dingen te blijven doen. Ik koos er dus voor om te stoppen met mijn opleiding en te beginnen met therapie. Aan de therapie had ik niet zoveel, ik kreeg steeds meer medicatie voor geschreven en ik had maar één keer in de week een gesprek met een psycholoog, waarin ik altijd precies wist te vertellen wat er van me verwacht werd. Ik raakte steeds meer in een isolement, ik raakte bijna al mijn vrienden kwijt en leefde in mijn eigen wereldje. Mijn leven werd steeds zwaarder, ik vond het eng om te gaan slapen omdat ik wist dat de nachten het zwaarst waren en in mijn hoofd kwam steeds vaker de gedachte om uit het leven te stappen.
Totdat ik op een gegeven moment zelf ben gaan zoeken op internet, ik kwam toen op de site van YWCC terecht, en na veel wikken en wegen heb ik me toen aangemeld voor een intake gesprek. Vanaf toen ging het allemaal heel erg snel en was ik al vrij snel naar mijn intake onderweg naar de Ardennen. De eerste weken in de Ardennen heb ik ontzettend veel gehuild, iets wat mij voor die tijd niet lukte. Alles wat ik vroeger mee had moeten maken, had ik ver weggestopt en kwam er op dat moment keihard uit. Voor de buitenwereld kwam ons gezin over als een perfect gezinnetje, maar al snel begon ons gezin uit elkaar te vallen. Mijn vader en moeder kampten met hun eigen psychische problemen, liefde en acceptatie heb ik nooit gekend. Er was veel sprake van mishandeling en verwaarlozing. Zo heb ik bijvoorbeeld altijd gehoord dat ik niks waard ben en was ik vaak diegene die de zorg van mijn broertjes op zich nam. Mijn vader ging op een gegeven moment vreemd, waarop mijn moeder een zelfmoordpoging deed. Ik werd snel groot en ben al die tijd aan het overleven geweest in plaats van aan het leven. Tijdens mijn opname in de kliniek was ik ontzettend eigenwijs, en werkte nou niet bepaald mee. Niet omdat ik het niet wilde, of niet open stond voor de behandeling, maar omdat ik het onbekende doodeng vond. Ik kwam van ver en maakte kleine stapjes. Bij YWCC heb ik geleerd om meer voor mezelf te gaan kiezen. Ik ben belangrijk, en mijn herstel moet op nr. 1 staan! Nadat ik terug kwam van YWCC ging het al snel weer bergafwaarts, er werd al snel verwacht dat ik op mezelf ging wonen. Voor mij ging dit TE snel, ik had een beerput open getrokken, en had behoefte aan mensen om me heen, ik wou niet alleen op een kamertje zitten. Maar dit gebeurde toch, er werd niet naar mij geluisterd door de instantie waar ik woonde. Dit heeft er voor gezorgd dat ik terug viel in mijn oude gewoontes, zorgen, zorgen, zorgen. Niet voor mezelf, maar voor anderen. Als andere maar gelukkig waren, dan werd ik het ook wel, zo geloofde ik. Tot dat mijn opa en oma op een gegeven moment vroegen om bij hun te komen wonen. Vanaf toen ging ik de rust in mezelf ervaren, kon mijn opleiding, pedagogisch medewerker jeugdzorg, weer met beide handen aanpakken en ik begon mijn leven weer langzaam aan op te bouwen. In juni heb ik mijn diploma behaald als pedagogisch medewerker jeugdzorg.
Dit schooljaar ben ik begonnen met mijn studie maatschappelijk werk en dienstverlening, dit doe ik in combinatie met mijn werk. Ik werk op een 24 uurs instelling, waar jongeren zitten met allerlei achtergronden en flinke gedragsproblemen. Ik mag nu met mijn levenservaring, anderen verder helpen, dat maakt mij ontzettend gelukkig! Natuurlijk heb ik nog steeds mijn mindere dagen en heb ik nog mijn leerpunten, maar dat is prima die mogen er zijn! Ik doe mijn best om mijn eigen weg in het leven te gaan, en heb het contact met mijn vader en mijn moeder verbroken. En hoe verder ik in herstel kom, hoe meer de puzzelstukjes in mijn leven op z’n plaats vallen, dit door hard te blijven werken aan mezelf. Ik ben omringd door mooie mensen, die mij accepteren om wie ik ben en mij onvoorwaardelijk steunen.