Tina (20) kreeg door speed meer zelfvertrouwen

Ik ben opgegroeid met mijn ouders, oudere zus en een jonger broertje. Ik heb nooit echt problemen gehad totdat ik tweeënhalf jaar geleden aan de studie verpleegkunde begon. Het was te zwaar voor me en ik kwam snel in aanraking met speed. Door de speed kreeg ik meer zelfvertrouwen en ging het op school een stuk gemakkelijker. Van die ene keer ging het al snel naar elke dag. Twee á drie dagen niet gebruiken vond ik lang genoeg om bij te komen. Ik was vaak vijf dagen achter elkaar wakker, waardoor ik dingen begon te zien die er niet waren. Ik loog tegen mijn ouders over alles, ik at te weinig en voelde me snel aangevallen als iemand wat zei.
Mijn ouders zijn in december 2014 erachter gekomen dat ik gebruikte. Ik was toen in therapie gegaan bij Mondriaan en kreeg wekelijkse gesprekken. Ik hield het vol om de eerste drie maanden niet te gebruiken. Totdat ik weer meer contact kreeg met mijn gebruikersvrienden en al snel begon ik weer dagelijks te gebruiken. De opleiding verpleegkunde had ik hierdoor niet gehaald en mocht het jaar nog is over doen. Ook dat jaar verpleegkunde had ik verknald door mijn gebruik. Ik kroop ’s nachts het raam uit om buiten te chillen en kroop om zes uur ‘s morgens weer m’n bed in zodat niemand door had dat ik weg was geweest. Dit jaar verpleegkunde had ik alweer niet gehaald en besloot ik een andere opleiding te gaan doen. In september 2014 begon ik aan de BOL-opleiding MMZ, wat ik al snel verpestte. Ik kwam in contact met een jongen die zelf ook gebruikte. Ik was nachtenlang bij hem en ging overdag maar een paar les uurtjes naar school. Die jongen had geen goede invloed op me. In het begin was hij leuk, lief en grappig, maar hoe langer ik met hem omging hoe meer hij veranderde. Hij werd agressief en gaf mij het gevoel dat ik alles fout deed. Hij is ook vaker vreemdgegaan en we maakte veel ruzie. Door de lieve woorden die hij zei, ging ik altijd naar hem terug. Thuis ging het steeds slechter en ik liep weg van huis om bij hem te zijn, terwijl ik daar ook niet gelukkig was. Toen mijn ouders met “Yes we can” kwamen liep ik boos van huis weg en ging naar “mijn vriend”. Mijn ouders kwamen me een paar dagen met tranen in hun ogen halen om te vragen of ik alsjeblieft terug naar huis wilde komen. Ik ging met hun mee en stopte met de drugs. Toen ik eenmaal gestopt was met de drugs beseften ik dat ik een probleem had en dat ik hulp nodig had want ik kon het niet alleen oplossen. Bij Yes we can heb ik geleerd om me uit te spreken, heb meer zelfvertrouwen gekregen en weet ik nu dat ik geen drugs hoef te gebruiken om gelukkig te zijn