Max

Ik ben opgegroeid zonder fijne thuissituatie. De relatie tussen mijn ouders was erg moeizaam, mijn moeder is chronisch ziek en mijn broer heel depressief. Er was geen veilige haven. Als kind probeerde ik de situatie te veranderen, wat natuurlijk niet in mijn kunnen lag en dat frustreerde enorm. Thuis werd een strijdveld en er werden nauwelijks nog connecties met elkaar gemaakt. 

Wel had ik een innige band met mijn moeder, maar leverde mij ook spanning op. Ik stond zo dichtbij mijn moeder dat ik alles omtrent haar intens beleefde en dat ook altijd bang was om haar kwijt te raken. Mijn moeder is chronisch ziek en heeft veel ziekenhuisopnames achter de rug, helaas ook met een bijna fatale afloop. Ik was dus ook al vroeg mantelzorger. En er kwam nogal wat op mij neer van deze zorg, en ik voelde mij er ook verantwoordelijk voor.   

Wie ben ik?

Ik werd gepest rondom mijn overgang van de basisschool naar de middelbare. Ik zocht mijn uitvlucht online voor een tijd, op Habbo Hotel. Dat voelde veilig en als een thuis. Daardoor ging ik me ook wel vaker afzonderen om maar niet met thuis bezig te hoeven zijn.  Halverwege de middelbare school werd ik verliefd op een meisje. Dit was nieuw en alles stond op z’n kop. Ik raakte verstrikt in mijn onzekerheid en besloot dit bijna 5 jaar voor mezelf te houden. Wie ben ik? Dit was een grote vraag in deze periode, maar ik kwam er maar niet uit. Meerdere relaties volgden, dit was overigens een fijn medicijn. Maar ik raakte mezelf uiteindelijk steeds kwijt terwijl de ander verder ging.

Depressie en automutilatie

Uiteindelijk stapelden de problemen/spanningen/gebeurtenissen zich verder en verder op, zodat ik steeds depressiever werd. Voorgaande therapieën werkten niet, tot ik bij mijn meest recente psycholoog uitkwam. Ik voelde me gezien, gehoord en begrepen. Het voelde ook veilig. Door dit gevoel kon ik ook beter bij mijn eigen gevoel komen. Namelijk dat ik me altijd beter voor heb gedaan dan het daadwerkelijk ging. Ik wilde gewoonweg niet meer leven en ik was door mijn reserves heen. Dit heb ik daar voor het eerst geuit. Het was goed, maar tevens was dat ook het moment dat het slechter ging. Iets wat niet nieuw voor mij was, maar wat terug was gekomen is automutilatie. Ikon niet meer aan haar beloven of ik er nog zou zijn als ik de deur uit zou lopen. En de angst van de mensen om mij heen werd werkelijkheid. Ik heb tweemaal op de eerste hulp gelegen, waarvan een keer op de IC. Het besef dat het echt goed mis was kwam toen ik in dat bed lag met allerlei plakkertjes op me. Ik had er niet meer kunnen zijn.

Naar de kliniek

Ik heb me overgegeven aan mijn jarenlange innerlijke strijd. Ik kon het niet meer alleen. Maar ik moest ook weg van alles om me heen, intensief aan de slag. En toen kwam ik bij Yes We Can Clinics terecht. Het was voor mij destijds Yes We Can of de levenseindekliniek. Ik had niet durven dromen dat ik positief de kliniek uit zou komen, dat ik weer zin in het leven zou krijgen.

Naast dat Yes We Can mij de zin in het leven heeft teruggegeven, heb ik ook eindelijk écht mezelf gevonden. Door de nazorg bij Yes We Can ben ik via via terecht gekomen bij een bijeenkomst van Transvisie (jongvolwassenengroep met transgenders). Vanaf het eerste moment voelde ik: dit is het, dit ben ik; ik ben Max. En kijk mij nu, midden in mijn transitie en aan het genieten van de dingen in het leven. Wie had dat gedacht? Ik niet. Maar ik ben maar wát blij!